Naar hoofdinhoud

Plint en trasraam: waarom de onderste lagen van een muur de hardste oude stenen vragen

Kijk naar een oude gevel en je ziet vaak dat de onderste lagen anders zijn: donkerder, harder, soms in een andere kleur of met een andere voeg. Dat is het trasraam, de plint van de muur die tegen opspattend regenwater, sneeuw en optrekkend vocht moet kunnen. Metselaars kozen daar vroeger bewust de dichtste stenen en een waterdichtere mortel voor. Wie met een tweedehands partij bouwt, doet er goed aan die gewoonte over te nemen.

Wat er onderaan gebeurt

Regen die van de muur druipt en van de grond opspat, maakt de onderste vijftig centimeter vaker en langer nat dan de rest. In de winter bevriest dat water juist daar het eerst. Een zachte, poreuze steen op die plek schilfert binnen enkele winters af, terwijl dezelfde steen een meter hoger decennia goed blijft. De plint is dus de plek waar je de kwaliteit van je stenen het meest merkt.

Stenen selecteren voor de plint

Sorteer uit de partij de hardste stenen: de gesinterde, donkere exemplaren, de strengpersstenen als die erbij zitten, oude straatklinkers of een apart gekochte kleine partij harde stenen in hetzelfde formaat. Tik ze tegen elkaar en kies de stenen met de helderste klank. Voor een tuinmuur van zes meter lang heb je voor een plint van zes lagen aan beide zijden ongeveer 350 stenen nodig; dat is een aantal dat in vrijwel elke gemengde partij te vinden is. Een plint in een afwijkende kleur is geen fout maar een klassiek gevelbeeld.

Mortel en voeg in het trasraam

Het trasraam werd van oudsher gemetseld in trasmortel, kalk met gemalen vulkanisch gesteente dat de mortel waterdicht maakt. Tegenwoordig gebruik je voor de onderste lagen een sterkere, waterdichtere bastaard- of cementmortel dan voor de rest van de muur, en voeg je iets dieper en strakker af zodat water er niet op blijft staan. Ook een waterkerende laag van folie of bitumen tussen de tweede en derde laag boven de grond houdt optrekkend vocht uit de rest van de muur.

Aansluiting op de grond

Laat grond, grind of bestrating nooit direct tegen de zachte stenen boven de plint aankomen. Houd de bestrating minstens twee lagen onder de overgang naar de gewone stenen en zorg dat het water van de muur af loopt. Een strook grind langs de voet vangt de spatten op. Zo krijgt een muur van oude stenen precies de bescherming die de oorspronkelijke metselaar er ook in bouwde.

Materiaal nodig voor je project?

Bekijk het actuele aanbod op de marktplaats u2014 of plaats gratis je eigen restpartij.