Vloerconvector tweedehands: put, rooster en wisselaar beoordelen
Vloerconvectoren komen vrij bij verbouwingen van woningen met grote glaspuien. Ze bestaan uit een metalen bak, een wisselaar van koper met aluminium lamellen, soms een ventilator, en een rooster van hout, aluminium of roestvast staal. Nieuw zijn ze prijzig, vooral het rooster. Tweedehands kan een goede koop zijn, maar alleen als de maten kloppen met de sleuf die jij in de vloer maakt of al hebt.
De put moet passen
Meet de lengte, breedte en diepte van de bak tot op de millimeter. De bak wordt in de vloer gestort of in een uitsparing gezet, en het rooster ligt op de rand. Een bak die 2 centimeter te diep is voor jouw vloeropbouw, past niet, en een te ondiepe bak steekt boven de vloer uit. Bij nieuwbouw of een nieuwe dekvloer kun je de sleuf op de bak afstemmen; in een bestaande vloer moet de bak op de sleuf passen.
Rooster en afwerking
Het rooster is het duurste en meest kwetsbare deel. Controleer houten roosters op losse latjes en op vocht, en aluminium roosters op deuken en ontbrekende lamellen. Een rooster dat is ingekort voor de vorige vloer, kan niet meer worden verlengd. Vraag of de rand of het kader van de bak meegaat; zonder kader ligt het rooster los.
De wisselaar
Kijk of de lamellen recht staan en of er geen groene aanslag op de koperen bochten zit. Blaas met perslucht door de wisselaar om stof en zand eruit te halen. Vraag of de convector is afgeperst; een wisselaar die jaren in een vloer heeft gelegen waar water in de put stond, kan zijn aangetast. Bij een uitvoering met ventilator test je of die stil draait en of de regeling meegaat.
Aansluiten
De aansluitingen komen uit de vloer binnen de bak, met een kraan en een ontluchter in de put. Zorg voor een afvoer of een waterdichte bak, want condens en schoonmaakwater blijven anders staan. Een vloerconvector zonder ventilator vraagt een hoge aanvoertemperatuur om genoeg te leveren; bij lage temperatuur is een uitvoering met ventilator eigenlijk verplicht.