Tweedehands cellenbeton verwerken: zagen, lijmen en afwerken zonder scheuren
Een wand van cellenbeton zet je in een dag, met een handzaag, een lijmkam en een rubberen hamer. Dat gemak is de reden dat zoveel klussers ernaar grijpen, en ook de reden dat er zoveel scheuren in gestuukte cellenbetonwanden zitten. Bij gebruikte blokken, die niet meer perfect vlak zijn, komt het extra aan op de juiste werkwijze.
Zagen en vlak maken
Een handzaag met hardmetalen tanden, speciaal voor cellenbeton, zaagt een blok van tien centimeter dik in een halve minuut recht door. Gebruik een zaaggeleider of een winkelhaak, want een scheve zaagsnede zie je later in de voeg. Gebruikte blokken hebben vaak nog lijmresten op de legvlakken; die schuur je weg met een schuurbord voor cellenbeton, een grove rasp die het materiaal in seconden vlak maakt. Blaas of veeg daarna het stof weg, anders hecht de lijm niet.
Lijmen
Cellenbeton wordt gelijmd met een speciale dunbedlijm, aangebracht met een getande lijmkam in een laag van twee tot drie millimeter op zowel de lig- als de stootvoeg. Zet het blok aan, tik het met een rubberen hamer tegen de draad en controleer met een waterpas. De eerste laag leg je in een gewone mortelvoeg op een vochtwerende folie of een strook bitumen, zodat de wand geen vocht van de vloer optrekt. Verspring de blokken minimaal tien centimeter per laag. Werk niet bij vorst en houd de blokken droog, want een natte laag lijmt niet.
Verankeren aan bestaande wanden
Een cellenbetonwand die tegen een bestaande muur staat, moet daaraan vastzitten. Gebruik roestvaste ankers of hoekstrips die je in de lijmvoeg legt en aan de bestaande muur schroeft, om de twee tot drie lagen. Bij een lange wand zonder dwarswand zet je om de vier meter een verticale dilatatie. Zonder die ankers en dilataties komen de scheuren die cellenbeton zijn slechte naam bezorgd hebben.
Afwerken
Stuc niet rechtstreeks op de blokken. Breng eerst een hechtlaag of voorstrijk aan, dan een dunne laag stucwerk met een glasvezelwapeningsgaas over de hele wand, en daarna de afwerklaag. Het gaas overbrugt de fijne krimpscheurtjes die cellenbeton in het eerste jaar krijgt. Voor een schuur of garage kun je de wand ook alleen afsmeren met een tegellijm of een dunne cementgebonden laag. Wacht met verf tot de wand echt droog is; dat duurt bij gebruikte blokken die vochtig waren opgeslagen al gauw een maand.