Een kozijn stellen in een bestaande sparing
Een kozijn plaatsen in een bestaande opening lijkt eenvoudig tot je merkt dat het in drie richtingen tegelijk moet kloppen. Doe je het in de verkeerde volgorde, dan corrigeer je het ene terwijl je het andere weer verstoort.
Begin bij de onderdorpel
Stel eerst de onderdorpel waterpas, met stelwiggen of stelblokjes onder de stijlen, nooit onder het midden van de dorpel. Controleer met een lange waterpas en kijk ook of de dorpel in het juiste vlak ligt ten opzichte van de gevel, met het afschot naar buiten.
Daarna te lood
Stel de stijlen loodrecht, beide, en controleer ze afzonderlijk. Een kozijn dat aan één kant lood staat en aan de andere niet, staat scheluw. Zet tijdelijke schoren of klem het kozijn vast zodra het klopt, want het verschuift bij de eerste aanraking.
Controleer de diagonalen
Meet de twee diagonalen van het kozijn. Zijn die gelijk, dan staat het haaks. Verschillen ze, dan is het kozijn uit vorm getrokken en gaan je ramen straks niet goed sluiten. Corrigeer dat voordat je iets vastzet; daarna kan het niet meer.
Vastzetten en pas dan afwerken
Zet het kozijn vast met de bevestiging die bij je muur past, en controleer na elke schroef of de maten nog kloppen. Vastzetten trekt een kozijn makkelijk krom. Pas als alles vaststaat en nog steeds klopt, ga je isoleren, kitten en afwerken.
Werk met twee personen
Een kozijn stellen is niets voor alleen: terwijl de een de waterpas leest, houdt de ander het kozijn op zijn plek. In je eentje verschuift het bij elke correctie en begin je steeds opnieuw. Plan er ook genoeg tijd voor; dit is het uur waarin bepaald wordt hoe het kozijn de komende dertig jaar staat.