Isoleren rond een kozijn: de kier die je niet ziet
Rond elk gesteld kozijn zit een kier van een centimeter of meer. Over de omtrek van een gemiddeld kozijn is dat een aanzienlijke opening, en een onafgedichte kier isoleert nul. Toch wordt dit onderdeel vaak afgeraffeld met een halve bus schuim.
Purschuim goed toepassen
Purschuim vult de kier en isoleert, mits het volledig aansluit en niet in grote blazen uitzet. Spuit de kier voor ongeveer de helft vol en laat het schuim de rest doen; te veel geeft druk op het kozijn en kan het krom duwen. Snijd het uitpuilende schuim pas weg als het volledig is uitgehard.
Schuim is geen afdichting
Purschuim is open van structuur en neemt water op. Het is dus isolatie, geen waterkering en geen luchtdichting. Aan de buitenzijde hoort daarom nog een kitvoeg en aan de binnenzijde een luchtdichte afwerking. Alleen schuim betekent dat je isolatie op termijn nat is.
Compriband als alternatief
Er bestaat voorgecomprimeerde band die je bij het plaatsen op het kozijn plakt en die zich daarna uitzet in de kier. Die combineert isolatie met een waterkerende en luchtdichte werking. Hij is duurder en vraagt dat je de kierbreedte vooraf kent, maar hij werkt beter dan schuim plus kit.
Let op de dagkanten
Bij een spouwmuur is de zijkant van de opening vaak de grootste koudebrug: daar raken binnen- en buitenblad elkaar of staat de isolatie niet door. Bij een kozijnvervanging kun je dat in één keer oplossen door de dagkant te isoleren voordat het nieuwe kozijn erin gaat.
Werk bij de juiste temperatuur
Purschuim uit een bus werkt het best tussen ruwweg vijf en dertig graden en wil een licht vochtige ondergrond om goed uit te harden. Bij vorst schuimt het nauwelijks uit en blijft het plakkerig. Bevochtig de kier licht met een plantenspuit voordat je spuit; dat verbetert de hechting en de opbouw merkbaar.