Een kozijn met deur of alleen met raam: wat het uitmaakt
In het aanbod zie je kozijnen met alleen glas, kozijnen met een deur, en combinaties met een deur en een zijlicht. Ze zien er vergelijkbaar uit, maar constructief verschillen ze en dat bepaalt of je er iets mee kunt.
De onderdorpel verschilt
Bij een raamkozijn loopt de onderdorpel door onder het glas. Bij een deurkozijn is er ter plaatse van de deur geen dorpel of een lage drempel waar je overheen loopt. Die drempel is een apart profiel dat slijtvast en waterkerend moet zijn en die is bij hergebruik vaak versleten.
Zwaarder beslag
Een buitendeur weegt veel meer dan een raam en hangt aan zwaardere scharnieren, vaak drie per deur. Controleer die extra goed op speling. Een deur die hangt, sluit niet meer op alle punten en dat merk je pas als de eerste herfststorm er dwars doorheen tocht.
Het slot en de sluitkom
Bij een deurkozijn hoort een sluitkom of een sluitplaat in de stijl, precies uitgefreesd voor het slot dat erin zat. Zit er een ander slot in de deur die je gebruikt, dan moet die uitsparing worden aangepast. Vraag of het slot en de cilinder meekomen en of er sleutels bij zitten.
Inbraakwerendheid
Bij een buitendeur is dat een reëel punt. Kijk of er meerpuntssluiting op zit, of er veiligheidsbeslag aanwezig is en of het kozijn zelf stevig genoeg is bij het slot. Een mooi oud deurkozijn met een enkel slot in een zachte stijl is voor een achterdeur geen goed idee.
Meet de deurmaat apart
Naast de kozijnmaat telt bij een deurkozijn de deurmaat zelf, want die bepaalt of je er meubels doorheen krijgt en of een standaard binnendeur later past. Meet de vrije doorgang: de dagmaat van de deuropening, niet de deur inclusief het kozijnhout. Dat scheelt zo tien centimeter.