De nokvorst opnieuw aanbrengen: droog of in mortel
Nadat de pannen liggen, moet de nok dicht. Dat is de laatste stap en tegelijk de plek waar het bij een zelf gelegd dak het vaakst misgaat. Er zijn twee manieren en ze vragen verschillende voorbereiding.
De oude manier: in mortel
Vorsten werden vroeger in een bed van mortel gelegd, waardoor ze vastzaten en de naad dicht was. Nadeel: de mortel scheurt na verloop van tijd door werking van het dak, en dan komt er water in dat er niet meer uit kan. Bovendien sluit het de ventilatie onder de pannen af.
De moderne manier: droog
Tegenwoordig komt er een vorstlat op verstelbare houders, met daaroverheen een ventilerende vorstrol die de naad afdicht maar lucht doorlaat. De vorsten worden met klemmen of schroeven op de lat bevestigd. Dat ventileert, beweegt mee en is achteraf te openen.
Stel de hoogte goed af
De vorstlat moet op precies de juiste hoogte komen, zodat de vorst op beide dakvlakken net op de pannen rust zonder te wiebelen en zonder te ver op te tillen. De houders zijn daarom verstelbaar. Stel eerst twee houders af aan beide uiteinden, span een draad en stel de rest daarop af.
Werk van beide kanten naar het midden
Begin aan de kant waar de heersende wind vandaan komt en werk die richting uit, zodat de overlap van de vorsten met de wind mee ligt. Zet de eerste en de laatste vorst extra goed vast; dat zijn de stukken die er bij storm als eerste af gaan.
Controleer na de eerste storm
De nok is de plek waar wind het hardst trekt. Loop na de eerste flinke najaarsstorm het dak na met een verrekijker vanaf de grond en kijk of alle vorsten nog recht liggen. Een vorst die is gaan schuiven, zet je opnieuw vast voordat de volgende storm hem eraf haalt.