Romaanse dakpannen herkennen: vorm, kleur en verschil
Romaanse dakpannen zie je op veel oudere woningen, boerderijen en schuren. Wie een dak repareert, een aanbouw dekt of een schuur wil afmaken in dezelfde stijl, gaat vaak op zoek naar tweedehands romaanse dakpannen. Dat is slim: een pan die al jaren buiten ligt heeft de kleur en de patina die een nieuwe pan mist. Maar dan moet je wel zeker weten dat je een romaanse pan voor je hebt, en geen Oud-Hollandse pan die er op het eerste gezicht op lijkt.
In dit artikel lees je hoe je romaanse dakpannen herkent aan de vorm, wat de kleur je vertelt en hoe je ze uit elkaar houdt met de Oud-Hollandse pan. Zo koop je een partij die echt past bij jouw dak.
Hoe herken je een romaanse dakpan aan de vorm?
Leg een pan plat op tafel en kijk van de onderkant naar de bovenkant. Een romaanse dakpan heeft een vlak deel en een ronde rol. Het vlakke deel ligt breed en recht, de rol staat aan een kant omhoog als een halve buis. Op het dak zie je daardoor een ritme van vlakke banen met ronde ruggen ertussen.
Dat is het grootste verschil met veel andere pannen. Bij een Oud-Hollandse pan loopt de golf in een vloeiende S-vorm over de hele breedte, zonder een echt vlak deel. Bij een romaanse pan is de overgang tussen vlak en rol duidelijker, bijna hoekig.
Kijk ook naar de onderkant. Moderne romaanse pannen hebben vaak sluitingen aan de zijkanten en de kop: kleine sponningen en ribbels waarmee de pannen in elkaar haken. Oudere exemplaren zijn soms eenvoudiger, met een minder diepe sluiting. Dat maakt uit voor het bijpassen, want twee pannen met een andere sluiting liggen niet goed tegen elkaar.
Controleer verder de nokjes aan de achterkant. Daarmee hangt de pan aan de panlat. Als die nokjes bij een partij afwijken van de pannen op je dak, liggen de nieuwe pannen net hoger of lager dan de rest.
Wat vertelt de kleur van een romaanse pan?
Romaanse dakpannen komen in veel kleuren voor. De bekendste zijn natuurrood, oranje, bruin en antraciet. Daarnaast heb je pannen met een engobe of een glazuur, een dunne laag die de pan een egale kleur of een lichte glans geeft.
Bij tweedehands pannen is de kleur altijd een beetje anders dan in de folder. Zon, regen, mos en vervuiling werken jarenlang op de pan in. Een rode pan van een noordkant kan donkerder en groener zijn dan dezelfde pan van een zuidkant. Daarom is het verstandig om een paar pannen mee te nemen naar je eigen dak en ze in het daglicht naast de bestaande pannen te leggen.
Let op het verschil tussen de kleur aan de bovenkant en aan de onderkant. De onderkant laat zien welke kleur de klei oorspronkelijk had. Is die anders dan de bovenkant, dan zit er een engobe of een coating op. Een geverfde of gecoate pan kan na een paar jaar afbladderen, en dat zie je op je dak als vlekken.
Romaans of Oud-Hollands: zo houd je ze uit elkaar
Veel mensen zoeken op "oude dakpannen" en krijgen dan van alles door elkaar te zien. Romaanse en Oud-Hollandse pannen worden vaak verward, omdat ze allebei een golf hebben en allebei veel op oudere huizen liggen. Deze punten helpen je:
- De vorm: romaans heeft een vlak deel en een duidelijke rol, Oud-Hollands een doorlopende S-golf.
- De dekking: een romaanse pan dekt vaak een andere breedte dan een Oud-Hollandse pan. Meet de werkende breedte en lengte op een pan van je eigen dak en vergelijk die met de partij.
- De sluiting: moderne romaanse pannen zijn vaak verbeterde pannen met sluitingen, oude Oud-Hollandse pannen hebben die meestal niet.
- Het stempel: op de achterkant staat bij veel pannen een merk of typenaam van de fabriek. Maak er een foto van en vraag de verkoper of de hele partij hetzelfde stempel heeft.
Twijfel je nog, vraag de verkoper dan om een foto van de pan van de zijkant, met een rolmaat ernaast. Dan zie je in een keer de vorm en de maat.
Waar let je op voordat je een partij koopt?
Een mooie pan is pas iets waard als hij heel is en lang meegaat. Neem deze controles mee als je gaat kijken:
- Tik de pannen tegen elkaar. Een heldere klank betekent meestal een gave pan, een doffe klank kan wijzen op een haarscheur.
- Kijk naar de randen en de nokjes. Afgebroken nokjes kun je niet meer ophangen.
- Let op schilfers en een rafelige bovenkant. Dat kan vorstschade zijn, en die wordt na een winter erger.
- Vraag hoeveel pannen er zijn en of er ook hulpstukken bij zitten, zoals nokvorsten, gevelpannen en kantpannen. Juist die stukken zijn later lastig te vinden.
- Vraag waar de pannen vandaan komen en hoe lang ze al opgeslagen liggen.
Neem liever een paar pannen meer dan je denkt nodig te hebben. Bij het afhalen, vervoeren en leggen sneuvelt er altijd wel eens een, en een reservestapel van dezelfde partij is goud waard bij een latere reparatie.
Romaanse dakpannen zoeken in de buurt
Dakpannen zijn zwaar en breekbaar, dus je wilt ze niet van ver halen. Op TweedekansMateriaal zoek je lokaal: je filtert op straal (5 tot 300 km), postcode of provincie. Zo vind je romaanse dakpannen van een sloop of een dakrenovatie in je eigen regio, en spreek je rechtstreeks met de aanbieder af wanneer je ze ophaalt.
Heb je zelf nog romaanse pannen liggen na een verbouwing? Zet ze gratis online. Er wordt geen commissie gerekend, dus wat je vraagt, krijg je. Een ander maakt er zijn dak mee af, en jij hoeft ze niet naar de container te brengen.
Dichtbij gevonden, slim bespaard.