Een oude binnendeur als tafelblad: welke deur werkt en welke niet
Bij elke verbouwing komen binnendeuren vrij, en op de marktplaats staan ze soms voor het ophalen. De maat is verleidelijk: 83 bij 211 centimeter is een tafel voor zes personen. Maar een deur is gemaakt om verticaal te hangen, niet om horizontaal 30 kilo aan servies te dragen. Of het lukt, hangt af van het type deur en van wat je eronder zet.
Massief, paneel of opdek
Een massieve paneeldeur van grenen of eiken is het beste uitgangspunt: het raamwerk is stijf en de panelen zijn hout. De verdiepte panelen kun je opvullen met een plaat glas op rubberen dopjes, of je legt er een blad van gehard glas overheen dat de hele deur dekt. Een opdekdeur uit de jaren zeventig of later heeft een honingraatvulling van karton tussen twee dunne plaatjes; die zakt in het midden door zodra je erop leunt. Klop op de deur: klinkt hij hol, dan is hij ongeschikt als blad.
Het slotgat en de scharnieren
Aan de lange zijde zit een slotkast en aan de andere zijde zitten drie scharnieruitsparingen. Zaag die zijden er niet af, want dan verzwak je het raamwerk. Vul de slotkastuitsparing met een blokje hout op maat en lijm het vast. De scharnieruitsparingen worden onzichtbaar als je die zijde naar de muur legt, of je vult ze met een stukje hout van dezelfde soort.
Het onderstel
Twee schragen zijn de snelste oplossing en passen bij een deur als blad. Zet ze op 40 centimeter van de kopse einden, dan hangt er aan weerskanten niet te veel over en kun je aan het hoofdeinde zitten. Wil je vaste poten, schroef dan eerst een frame van latten onder de deur en zet de poten aan het frame vast; schroeven rechtstreeks in de dunne deurstijl houden slecht.
Afwerken zonder alles kaal te schuren
Oude verf op een deur van voor 1980 kan lood bevatten. Schuur niet droog zonder afzuiging, maar ontvet, schuur licht met de hand en lak eroverheen, of laat de deur professioneel logen. Een glasplaat op het blad beschermt het oude oppervlak en maakt schoonmaken makkelijk.