Bij een verbouwing komen binnendeuren vaak in prima staat vrij, en tweedehands zijn ze een flinke besparing op nieuw. De twee dingen die het meest mislopen zijn de verkeerde soort (een opdekdeur past niet in een kozijn voor een stompe deur) en een maat die net niet klopt. Met deze checklist koop je gericht en weet je vooraf of je de deur passend kunt maken.
Opdek of stomp: eerst de soort bepalen
Een opdekdeur heeft rondom een sponning (een verspringende rand) en valt met die rand over het kozijn, zodat je de kier niet ziet. Een stompe deur is aan alle kanten vlak en valt precies binnen het kozijn. Deze twee zijn niet uitwisselbaar: een opdekdeur hoort bij een opdekkozijn met opdekscharnieren, een stompe deur bij een stomp kozijn. Kijk dus eerst naar je bestaande kozijn en scharnieren voor je een deur koopt.
Verder is er verschil in opbouw. Een vlakke deur met een honingraat- of hardschuimkern is licht en goedkoop, maar je kunt hem maar beperkt inkorten omdat alleen de buitenranden massief zijn. Een stijl-en-regeldeur, paneeldeur of massieve deur is zwaarder en beter te bewerken, en houdt geluid beter tegen. Vraag bij twijfel of de deur massief of hol is, dat bepaalt hoeveel je er straks nog vanaf mag halen.
De opening en het kozijn opmeten
- Meet de dagmaat van het kozijn: de vrije breedte en hoogte binnen de opening, op meerdere punten, want oude kozijnen staan zelden helemaal haaks
- Bepaal of je een opdek- of een stompe maat nodig hebt; standaardbreedtes liggen meestal rond 78, 83, 88 en 93 cm en hoogtes rond 201,5 of 211,5 cm, maar meet altijd na in plaats van op een standaardmaat te vertrouwen
- Bepaal de draairichting: ga je door de deur en zitten de scharnieren rechts, dan is het een rechtse deur, zitten ze links dan een linkse, koop je verkeerd, dan zitten kruk en slot aan de andere kant
- Meet de deurdikte (vaak rond 40 mm bij binnendeuren); een afwijkende dikte betekent dat scharnieren en slotkast niet zonder meer passen
- Controleer of de posities van scharnieren en slot op de deur overeenkomen met de sponningen en de sluitplaat in jouw kozijn, verschillen die, dan moet je frezen en dat is meer werk
De staat controleren voor je koopt
- Leg de deur plat of zet hem op zijn kant en kijk langs de lange zijde of hij niet kromgetrokken of gebold is; een scheve deur krijg je nooit meer netjes sluitend
- Bekijk de onder- en bovenkant en de sponningen op vochtschade, opgezwollen plekken of loslatend fineer, vooral onderaan, waar water bij het dweilen intrekt
- Duw op de vlakke delen van een holle deur; klinkt het erg hol en voelt het slap, dan is de kern licht en de deur beperkt te bewerken
- Controleer of scharnieren, kruk, slotkast en sluitplaat meegaan en of de schroefgaten niet uitgesleten zijn; los passend beslag vinden kost vaak meer dan de deur
- Kijk of eerder overgeschilderde deuren geen dikke, afbladderende laklagen hebben; licht schuren en overschilderen kan, maar loszittende oude verf betekent extra werk
Passend maken: inkorten, schaven en beslag
Klemt een houten deur licht, dan schaaf of schuur je de klemmende zijde iets bij; houd rondom een kier van ongeveer 2 tot 3 mm aan zodat de deur soepel loopt en verf er straks nog bij kan. Werk kleine beetjes af en pas telkens, want eraf halen kan wel en er weer bij zetten niet.
Inkorten in de hoogte kan bij een massieve deur ruim, maar bij een holle deur maar een paar centimeter: onder- en bovenkant hebben een massieve rand (het stootbord) en zaag je die eraf, dan open je de holle kern en heb je geen houvast meer voor scharnieren of een bezemlat. Meet die massieve rand dus eerst op en blijf erbinnen. Wil je meer weghalen dan de rand toelaat, dan is een massieve deur de betere koop.
Zit het beslag op een andere plek dan jouw kozijn verwacht, dan moet je nieuwe sparingen frezen voor scharnieren en slotkast en de oude opvullen. Dat is precisiewerk; twijfel je over het uitfrezen of over een deur die overal net niet past, laat het passend maken en afhangen dan over aan een timmerman in plaats van gaandeweg te veel weg te zagen.
Praktische tips
- Neem een rolmaat mee en meet dagmaat, deurdikte en draairichting zelf na voordat je afspreekt, dat scheelt een tweede rit voor een deur die net niet past
- Koop bij een verbouwing waar meerdere deuren vrijkomen liefst een set van hetzelfde model; dan matchen stijl, kleur en beslag door het hele huis
- Vraag of de bijbehorende scharnieren en het krukgarnituur meegaan, en let bij badkamer- en wc-deuren op een vrij/bezet-garnituur in plaats van een gewoon loopslot
- Reken een pot verf of grondlak mee als de deur overgeschilderd moet worden; een kale of beschadigde deur wordt met schuren en schilderen alsnog netjes
- Grote of massieve deuren zijn zwaarder dan ze lijken: regel voldoende mankracht en bescherm de hoeken bij transport (zie ook de gids over het ophalen van grote partijen)